Leestijd: 10 minuten
Afbeelding van de voor- en achterzijde van de eerste uitgave van de prestatiemedaille in 1953. Op de voorzijde staat op de achtergrond een zwemmer in de starthouding en op de voorgrond een zwemmer met een palmtak in zijn hand. Op de achterzijde het KNZB-logo en de tekst voor bijzondere prestatie KNZB 1953.
Voor- en achterzijde van het eerste ontwerp van de prestatiemedaille (collectie Ron Wessels)

“Hoe kunnen we onze wedstrijdzwemmers een extra stimulans geven om nog beter te presteren?” Deze vraag moet de toenmalige Sportcommissie van de KNZB zich zo’n 75 jaar geleden ongetwijfeld hebben gesteld. Als antwoord hierop introduceert de zwembond in 1954 de zogenaamde prestatiemedailles. Dit in navolging op landen als Zweden, Denemarken en Groot-Brittannië. Ruim 70 jaar later worden deze medailles nog altijd jaarlijks verstrekt. De doelgroep is in de loop van de jaren uitgebreid met andere zwemsporten. In dit artikel neem ik jullie graag mee terug in de tijd voor een bijzonder stukje geschiedenis over de Medaille voor bijzonder prestatie.

De prestatiemedaille heeft een tweeledig doel: Aan de ene kant is het voor zwemsporters een stimulans om deze medaille elk jaar weer te verdienen; aan de andere kant geeft het een extra prikkel om, na het eerst behalen van een bronzen exemplaar, een zilveren of zelfs een gouden medaille te bemachtigen. Elke serieuze wedstrijd- of parazwemmer, schoonspringer of synchroonzwemmer, master- of openwaterzwemmer is bekend met deze jaarlijkse stimuleringsprijs. Elk voorjaar publiceert de KNZB uitgebreide overzichten met namen van zwemsporters die in aanmerking komen voor de prestatiemedaille in brons of zilver. Voor zeer uitzonderlijke prestaties worden er gouden medailles uitgereikt.

Voorbereidingen

Overzicht van de 12 zwemnummers en limiettijden voor zowel dames als heren om in aanmerking te komen voor een bronzen, zilveren of gouden prestatiemedaille over het jaar 1953
Limiettijden voor het behalen van een prestatiemedaille over het jaar 1953 (Zwemkroniek, 15 januari 1954)

Aan de invoering van de medaille in 1954 gaat een lange voorbereiding vooraf. Allereerst moeten er voorwaarden worden opgesteld waaraan de zwemmers moeten voldoen om in aanmerking te komen voor de prestatiemedaille. In de beginperiode is dat voor zowel dames als heren het zwemmen van een minimale limiettijd op één of meer van 12 verschillende individuele zwemnummers.

Voor het ontwerpen van de medailles wordt beeldhouwer en medailleur Joop Hekman ingeschakeld. Hij maakt een prachtig ontwerp met op de voorzijde een zwemmer in de starthouding en een naakte zwemmer, die een palmtak in zijn hand draagt. De palmtak is een eeuwenoud symbool voor overwinning en triomf. Op de achterzijde is het KNZB-logo afgebeeld, de tekst KNZB voor bijzondere prestatie en het betreffende jaartal. De firma Koninklijke Begeer zal de medailles elk jaar slaan.

De lijst van zwemmers die in het afgelopen jaar hebben voldaan aan één of meer voorwaarden om in aanmerking te komen voor een medaille wordt afgedrukt In KNZB-bondsblad De Zwemkroniek. Er is afgesproken dat er per jaar maximaal één medaille kan worden behaald. Verenigingen kunnen de prestatiemedailles voor hun zwemmers tegen betaling bij het Bondsbureau bestellen in twee verschillende uitvoeringen; als zogenaamde legmedaille of als draagmedaille (hierboven afgebeeld). Voor de draagmedaille kan er ook nog een draaglint worden besteld. De gouden medaille (verguld zilver) wordt gratis verstrekt.

In totaal worden in het eerste jaar 56 zilveren en 252 bronzen medailles toegekend. Een gouden medaille wordt dit jaar nog niet behaald. Die eer is een jaar later weggelegd voor twee zwemmers; Wim de Vreng en Daan Buijze. De Vreng verbetert in 1954 de nationale records op de 100 en 200 m. vrije slag, terwijl Buijze het nationale record verbetert op de 100 m. vlinderslag. Zij krijgen hun medaille uitgereikt tijdens de Algemene ledenvergadering van de KNZB.

Wim de Vreng (l.) kreeg samen met Daan Buijze (r.) in het voorjaar van 1955 de eerste gouden prestatiemedaille uitgereikt. (sportplaatje uit album Olympiade 1956 van Simon de Wit (l.) en uit album Helsinki 1952 van Parade Cigaretten (r.) – collectie Ron Wessels)

Vanaf 1970 worden de voorwaarden voor de prestatiemedailles bij wedstrijdzwemmen gewijzigd. Bij verbetering van een Nederlands record wordt een gouden medaille toegekend. Er wordt daarnaast een all-in lijst gepubliceerd tot 25 personen per slag en afstand waarvan de nummers 1 t/m 10 een zilveren medaille ontvangen – uitgezonderd van degenen die goud hebben behaald – en waarvan de nummers 11 t/m 25 brons krijgen. Naast deze all-in lijst wordt een lijst tot 10 personen samengesteld per slag en afstand voor de leeftijdsgroepen onder 10, 12, 14 en 16 jaar. Die komen alleen in aanmerking voor een bronzen medaille. Uitgangspunt zijn de KNZB-ranglijsten die jaarlijks worden samengesteld door Aton Demuth. Hij verricht dit monnikenwerk tientallen jaren lang voor de zwembond.

Omslag van het jaarlijks uitgegeven boekje van de KNZB, waarin de snelste zwemmers per zwemonderdeel en op lijsttijd staan vermeld. Dit is editie 1970, samengesteld door F.A. (Aton) Demuth.
Boekje met ranglijsten per zwemonderdeel op leeftijd over 1970. Dit boekje wordt elk jaar weer samengesteld door Aton Demuth voor de KNZB (collectie Ron Wessels)

Nieuw ontwerp prestatiemedailles

Begin jaren ’70 verandert er veel bij de zwembond. Er vindt een grote reorganisatie plaats waarbij de KNZB in vijf districten wordt ingedeeld. Daarnaast verandert in sommige gevallen ook de indeling van de toenmalige regionale organisaties binnen de zwembond, de zogenaamde Kringen. Deze wijzigingen gaan in per 1 januari 1973, het jaar waarin de KNZB haar 85-jarig jubileum viert. In juni van 1974 betrekt de administratieve organisatie van de zwembond vervolgens een nieuw Bondsbureau.

Al deze ontwikkelingen zijn aanleiding geweest om het bestaande beeldmerk te vervangen door het voor velen vertrouwde vierkante logo met de afgeronde hoeken. Dit heeft uiteraard ook gevolgen voor het ontwerp van de prestatiemedailles. Na bijna 20 jaar komt er een nieuw ontwerp voor de prestatiemedaille, dat ruim 40 jaar in gebruik zal blijven. Pas in 2015 wordt deze medaille vervangen door het model met de leeuwenkop.

Twee modellen van de KNZB-prestatiemedaille. Het linker model heeft het vierkante KNZB-logo en werd uitgegeven voor bijzondere prestaties van 1973 tot en met 2014. Het rechter model heeft de actuele afbeelding met KNZB-leeuw. Op beide medailles staat KNZB voor bijzondere prestatie en het jaartal. In dit geval respectievelijk 1998 en 2015. De model medaille uit 2015 is nog altijd in gebruiknog al
Tweede (l.) en derde (r.) ontwerp van de prestatiemedaille. Het tweede ontwerp wordt uitgegeven voor bijzondere prestaties van 1973 t/m 2014, voor het derde ontwerp is dit vanaf het jaar 2015 tot heden (collectie Rob Hanou)

Andere zwemsporten volgen

Knipsel met limieten kunstzwemmen en schoonspringen voor het behalen van een prestatiemedaille over het jaar 1962. Bij kunstzwemmen gaat het om technische vaardighedi. Bij schoonspringen om een minimaal aantal punten, beide telkens voor brons, zilver en goud (Zwemkroniek, 9 februari 1962)
Limieten kunstzwemmen en schoonspringen voor het behalen van een prestatiemedaille over het jaar 1962 (Zwemkroniek, 9 februari 1962)

Van alle zwemmers die voor hun prestaties in het jaar 1961 in aanmerking komen voor de prestatiemedaille, wordt in januari 1962 de inmiddels vertrouwde overzichtslijst gepubliceerd in De Zwemkroniek. In het nummer van 19 januari is er bijzonder nieuws: “Over een of twee weken zal er nog een aanvullende lijst komen, die schoonspringers(sters) en kunstzwemsters* zal bevatten. Dit is een nieuwtje, om ook bij deze takken van sport te dienen tot aanmoediging van de inspanning.”

De beslissing is pas kort geleden genomen. Hierdoor is de KNZB-Sportcommissie op dat moment nog druk bezig met het vaststellen van de eisen. Drie weken later worden die eisen gepubliceerd. De eerste lichting kunstzwemmers en schoonspringers ontvangt in het voorjaar hun prestatiemedaille over het jaar 1961.

* Tot 1996 de gangbare naam voor synchroonzwemmen

KNZB-prestatiemedaille met draaglint met rood-wit-blauwe vertikale banen en de tekst voor bijzondere prestatie uit het jaar 1996
Medaille met draaglint (uit: Open Water Boek 2000)

Bijna dertig jaar later sluiten in 1990 ook de openwaterzwemmers aan. Henk Nonnekens, secretaris van de werkgroep langebaanzwemmen is erg blij met deze erkenning. Hij hoopt bovendien dat openwaterzwemmers naast de toegezegde bronzen en zilveren prestatiemedailles in de toekomst voor topprestaties ook in aanmerking kunnen komen voor gouden exemplaren. In De Zwemkroniek van 8 juni 1990 zegt hij hierover: “[…] Ook bleek uit een schrijven van het Bondsbestuur naar aanleiding van onze voorstellen voor de toekomst met betrekking tot het toekennen van gouden prestatiemedailles, dat het toekennen van een topsportonderscheiding bij het langebaanzwemmen zeker tot de mogelijkheden behoort.” Tot op de dag van vandaag worden bij het openwaterzwemmen echter nog altijd geen gouden prestatiemedailles verstrekt.

Vanaf 1991 wordt het programma uitgebreid met bronzen medailles voor de 10 hoogst geklasseerde openwaterzwemmers van het Zwemkroniekklassement onder 14 jaar. Volgens de gegevens in het jaarlijkse Open Water Boek editie 1998 gelden voor de senioren de volgende voorwaarden voor de jaarlijkse toekenning van prestatiemedailles: “Om in aanmerking te komen voor een zilveren of bronzen medaille moet men bij eerste 10 respectievelijk 20 deelnemers eindigen in het individuele landelijke Langebaan-puntenklassementen van de schoolslag of de vrije slag en minimaal 270 respectievelijk 240 punten per kilometer hebben behaald over de meetellende klassements-kilometers.”

Snelle opmars masterszwemmen

Nadat in oktober 1983 de eerste zwemwedstrijd voor masters wordt georganiseerd, wint dit nieuwe zwemsportinitiatief in korte tijd razendsnel aan populariteit. De Werkgroep Masters dringt er bij het Bondsbestuur op aan, om ook aan de zwemmers van deze groeiende afdeling prestatiemedailles te gaan verstrekken. Drie jaar nadat de openwaterzwemmers zijn toegevoegd aan het programma van prestatiemedailles is het eindelijk zover: Ook masters komen voortaan in aanmerking voor een bronzen of zilveren medaille.

De eerste medailles worden uitgereikt in 1993; brons voor een Europees Mastersrecord (EMR) en zilver voor een Wereld Mastersrecord (WMR). In dat eerste jaar worden er 11 bronzen medailles uitgereikt. Jolanda de Rover verbetert als enige een WMR en ontvangt een zilveren medaille. Als de voorwaarden enkele jaren later worden aangepast, komen er vanaf dat moment veel meer masters in aanmerking voor een prestatiemedaille. Voor een WMR ontvangen masters voortaan een gouden medaille, terwijl een EMR nu zilver oplevert. Elke verbetering van een Nederlands Mastersrecord levert vanaf seizoen 1998 een bronzen medaille op. Vanaf 1999 worden er tevens prestatiemedailles verstrekt aan masters bij het open water zwemmen.

Een jonge schoonspringster Greet Lugthart poseert in 1960 op een startblok aan een buitenzwembad. Op de achtergrond duiken twee jongens vanaf de lage en hoge duikplank het water in.
Een jonge schoonspringster Greet Lugthart poseert in 1960 op een startblok aan een zwembad (Nationaal Archief/Henk Blansjaar/ Spaarnestad Photo (05887))

Ook bij het schoonspringen ontstaat in de jaren ’80 de leeftijdsgroep masters. Halverwege de jaren ’80 is oud-Olympiër (Rome, 1960) Greet Lugthart van de HSV Morgenstond de eerste master die gaat deelnemen aan wedstrijden. Zo’n 15 jaar later is deze groep gegroeid en wil men ook graag prestatiemedailles invoeren. Toenmalig coördinator taakgroep officials en reglementen schoonspringen Henk Delwel zorgt ervoor dat er ook voor dit zwemsportonderdeel medailles beschikbaar komen. De eerst exemplaren worden vervolgens uitgereikt in 2000.

Parazwemmers onder de KNZB-paraplu

In december 2008 sluiten KNZB en Gehandicaptensport Nederland een samenwerkingsovereenkomst. Doel van deze overeenkomst is de volledige overdracht van zwemmen voor mensen met een beperking naar de zwembond. Het gaat om 111 verenigingen met 7600 sporters, waarvan er ongeveer 250 ook meedoen aan competities. Gedurende 2009 wordt er hard gewerkt om de zwemmers, hun clubs en competities volledig in de KNZB-organisatie op te nemen. Mark Faber wordt vanaf dat jaar bondscoach aangepast zwemmen. In 2010 is de integratie van het parazwemmen in de zwembond definitief een feit.

Ook parazwemmers komen in aanmerking voor prestatiemedailles. In tegenstelling tot wedstrijdzwemmen wordt er voor deze zwemsportafdeling niet gewerkt met ranglijsten, maar alleen met behaalde records. Op dit moment gelden de volgende voorwaarden: Een verbetering van een IPC* Nederlands Record of IPC Europees Record levert respectievelijk een bronzen en een zilveren medaille op. Een gouden medaille is er voor de verbetering van IPC Wereldrecord. Dit geldt voor zowel voor records gezwommen op korte- als langebaanwedstrijden (25 en 50 m.).

* goedgekeurd door het International Paralympic Committee

Met de toevoeging van het parazwemmen worden bij nu bij zes van de zeven zwemsporttakken prestatiemedailles verstrekt. Opvallend daarbij zijn, naast het ontbreken van de gouden medaille bij het openwaterzwemmen, de volledige afwezigheid van waterpolo, dat als teamsport buiten de regeling van prestatiemedailles valt. Ik heb helaas niet kunnen terugvinden of hierop ooit uitzonderingen zijn gemaakt. Tips hierover zijn van harte welkom.

Overzicht invoering prestatiemedailles

ZwemsportPrestatie over:Uitgereikt in:
Wedstrijdzwemmen19531954
Synchroonzwemmen (Kunstzwemmen)19611962
Schoonspringen19611962
Openwaterzwemmen (Langebaanzwemmen) (zilver en brons)19891990
Masterszwemmen (Langebaanzwemmen) (zilver en brons)19921993
Masterszwemmen (goud toegevoegd)19981999
Synchroonzwemmen masters19992000
Parazwemmennavraag bij KNZBIdem
Het eerste model van de prestatiemedaille.
Model 1 (collectie Ron Wessels)
Het tweede (links) en derde model (rechts) van de prestatiemedaille.
Model 2 (l.) en Model 3 (r.) (collectie Rob Hanou)
Model medailleVan (jaar)Tot (jaar)
Model 119531972
Model 219732014
Model 3 (vanaf 2018 jaartal op achterzijde)2015heden
De inmiddels 82-jarige Rob Hanou begon zijn zwemcarrière eind jaren ’50 en vervolgde die na een lange onderbreking vanaf medio jaren ’80 tot heden als master en openwaterzwemmer. Hij bouwde daarmee een unieke verzameling prestatiemedailles op, die nog elk jaar wordt uitgebreid.

Huidige voorwaarden en medaillewinnaars

Op haar website heeft de KNZB overzichten gepubliceerd met voorwaarden waaraan over 2025 minimaal moest worden voldaan om in het voorjaar van 2026 in aanmerking te komen voor een bronzen, zilveren of gouden prestatiemedaille:

Geraadpleegde bronnen

  • Diverse nummers van voormalig bondsblad De Zwemkroniek
  • Diverse nummers van voormalig tijdschrift Keerpunt
  • Verschillende KNZB-jaarverslagen
  • Open water boeken (Werkgroep Open Water Zwemmen)
  • Speciale dank voor de deskundige hulp van de volgende personen: Rob Hanou, Atie Pijtak-Radersma, Marian van der Heijden-Clardeij, Richard Broer en Henk Delwel.