
De naam Rie Beisenherz doet nog maar bij heel weinig mensen een bel rinkelen. Toch staat juist zij aan de basis van talrijke Nederlandse Olympische successen. In 1920 dwingt zij als eerste Nederlandse vrouw ooit Olympische deelname af. Voor die tijd is dat een baanbrekende prestatie. Als pionier stimuleert Rie daarmee de emancipatie van onze damessporters in het algemeen en van dameszwemmen in het bijzonder. Daarnaast is zij medeverantwoordelijk voor de oprichting van de Amsterdamsche Dames Zwemclub, de club die verschillende grote sterren voorbrengt. Op 8 september 2026 is het 125 jaar geleden dat Rie Biesenherz werd geboren.
Sporthistoricus Jurryt van de Vooren heeft op Sportgeschiedenis.nl al een mooi artikel geschreven over haar deelname aan de Olympische Spelen. Ook op de Wikipediapagina van Rie is veel informatie te vinden. In dit artikel ga ik dieper in op de bijzondere wijze van oprichting van de Amsterdamse zwemclub ADZ en de rol van Rie daarbij.
Rie wordt geboren op 8 september 1901 in de Amsterdamse Reestraat, waar haar vader op nummer 22 een kruidenierswinkel runt. Ze groeit op in een sportief gezin. Vader Louis zwemt bij de De Jonge Kampioen (DJK) en is actief als hondenfokker. Daarnaast is hij amateurwielrenner en bevriend met de beroemde schaatser en wielrenner Jaap Eden. In 1913 sluit hij zich bovendien aan bij de net opgerichte Amsterdamse Reddingsbrigade (ARB). Dat laatste is overigens niet zo gek. Het initiatief voor oprichting van de ARB is namelijk afkomstig uit de gelederen van zijn eigen DJK.

Een eigen zwemclub
Voor haar twaalfde verjaardag krijgt Rie van haar ouders de toezegging dat zij lid mag worden van de Hollandsche Dames Zwemclub (HDZ). Het bestuur van deze vereniging vindt Rie echter veel te jong en weigert haar daarom het lidmaatschap. Voor sommige meisjes zou dat – in een tijd waarin dameszwemmen nog uitzondering is – direct het einde van hun zwemcarrière betekenen. Rie echter wil persé in clubverband zwemmen. Ze neemt daarom het spreekwoordelijke heft in eigen hand. Samen met schoolvriendinnen Bep Noorwegen en Meep Kollöffel smeed ze plannen om dan zelf maar een zwemclub op te richten.
Ze voegen de daad bij het woord. Op 9 december 1913 is de oprichtingsvergadering van De Jonge Waterratten in het portiek van het Predikbeurtenblad aan de Nieuwezijds Voorburgwal 262. Dit is op een steenworp afstand van de school van de drie meisjes, de Prinsenschool. Kort na de oprichting mogen nog drie vriendinnen aansluiten, zodat de zwemclub toch enige omvang krijgt; Ada Bolten, Marietje Driessen en Annie van Beek. Hoewel er verder geen leden worden toegelaten, zijn donateurs wel van harte welkom. Al snel beschikt de club over een flinke aanhang met vooral vaders, moeders en familieleden, maar ook andere begunstigers die hun sympathieke initiatief graag willen steunen.

Besloten wordt dat het bestuur wordt gevormd met Rie als presidente, Bep als secretaris en Meep als penningmeester. Die laatste functie levert het meeste werk op. Bij het 35-jarig bestaan van ADZ in 1949 blikt Meep Kollöffel uitgebreid terug op de begintijd van de club: “Dat was beslist geen sinecure, want de contributie bedroeg twee cent per week en elke week was het mijn taak die contributie bij de verschillende leden en donateurs en donatrices te innen.”
In die tijd dragen de zwemsters lange wijde rode of blauwe katoenen hansoppen, voorzien van een blauwgrijs katoenen embleem met daarop een waterrat. Meep daarover: “Die had pa Beisenherz voor ons getekend en wij waren er wat trots op.” Op zaterdagmiddag van 12.00 tot 14.00 uur zwemmen De Jonge Waterratten in het Heiligewegbad. Meep herinnert zich het nog goed: “Actief waren wij zeker, want elke zaterdag om de veertien dagen hielden we onderlinge wedstrijden […] die waren een bron van plezier voor ons en een aansporing om goed te oefenen.” Alle deelneemsters nemen telkens een klein prijsje mee, waarbij hoofdopzichteres van het bad juffrouw Driessen ervoor zorgt dat niemand met lege handen naar huis gaat.

Meep vervolgt: “Bij die wedstrijden was juffrouw Driessen voorzitter-kamprechter, starter, tijdopnemer enz. Enfin in haar eentje vertegenwoordigde zij de hele jury, maar dat mocht hem de pret niet drukken, het ging best.” Driessen zal ook in latere jaren een grote steun voor de club blijven. Net als zwemleraressen juffrouw Alie en juffrouw Jo is ook zij donatrice van het jeugdige zestal.
Hobbyclub wordt snel volwassen
Het enthousiasme van de zes jonge zwemstertjes werkt aanstekelijk. Enkele van hun volwassen donatrices stellen daarom voor om een echte dameszwemclub op te richten. De Jonge Waterratten zou dan als aspirantenafdeling door deze nieuwe club worden geadopteerd.
Op zondagochtend 15 maart 1914 is het zover: Een dertigtal dames heeft zich verzameld in een van de zalen van het American Hotel voor de oprichtingsvergadering van de Amsterdamsche Dames Zwemclub. De vergadering wordt geopend door mej. H. Poppelhouwer, die de eerste vice-presidente van de club zal worden. Zij verklaart dat het doel van de oprichting van de club het bevorderen van de zwemsport en het kweken van goede zwemsters is.
Het ligt overigens zeker niet in de bedoeling dat ADZ gaat concurreren met HDZ, dat in het Zuiderbad zwemt. Met het oog op de afstand en bovendien de kosten zijn niet alle dames in de gelegenheid naar dit zwembad te gaan. Poppelhouwer verklaart: “Waarom zouden wij niet evengoed in de inrichting aan den Heiligenweg een club kunnen oprichten.” Dat blijkt zeer goed mogelijk, omdat zich al 63 dames bij de nieuwe club hebben aangemeld.
Spreekster bedankt vervolgens de heer Ingenohl, exploitant van het Heiligewegbad. Hij heeft toegezegd dat de nieuwe club een avond per week de beschikking heeft over het zwembad. Dat dit al vanaf maandag 23 maart ingaat, wordt met luid applaus ontvangen. De reeds gevormde meisjesclub bestaat inmiddels uit 15 leden. Zij zal onder de naam De Kleine Waterrat een onderafdeling van de club gaan vormen. De vergadering wordt besloten met de samenstelling van het bestuur. Hiermee is de geboorte van de Amsterdamsche Dames Zwemclub een feit.
Eerste bestuur
Het eerste bestuur van ADZ wordt geïnstalleerd op 15 maart 1914 en bestaat uit:
- mevr. Brunner, presidente
- mej. Poppelhouwer, vice-presidente
- mevr. Noorlander, penningmeesteresse
- mevr. Drukker, 1e secretaresse
- mej. Drukker, 2e secretaresse
Eerste activiteit
Ruim twee maanden later organiseert ADZ haar eerste propaganda-avond. Tijdens deze avond op maandag 25 mei verzorgen de aspiranten van De Kleine Waterrat verschillende demonstraties. Nieuws van den Dag doet verslag van het evenement: “Vele ouders hadden aan den oproep van het ijverige bestuur gevolg gegeven om hunne kinderen in het natte element te zien dartelen en menig oogenpaar zal de kleine kleuters, van 8 tot 14 jaar oud, die zich zo vrij in het water gevoelden, benijd hebben.”
Propagandabijeenkomsten zijn in die tijd specifiek gericht op de bevordering van het leren zwemmen en het aantrekken van nieuwe leden: “Gelukkig schijnt men in ons land meer en meer tot het besef te komen, dat niet alleen voor mannen en jongens de beoefening van het zwemmen nuttig en noodig is, maar dat ook vrouwen en meisjes zich dienen vertrouwd te maken met wat een niet-zwemmer noemt een zijner gevaarlijkste vijanden, nl. diep water”, verklaart Nieuws van den Dag.
De 20 aanwezige meisjes tonen vol trots hun zwemkunsten aan hun ouders en aan andere belangstellenden. Op het programma staan onder andere figuurzwemmen, fraaizwemmen, snelzwemmen en springen en duiken. Als beloning voor hun inzet krijgen alle deelneemsters na afloop een aandenken. Met dit allereerste evenement zet ADZ zich direct op positieve wijze op de kaart. In de loop van de tijd volgen er ook zwemfeesten en andere zwemevenementen. Bij sommige zwemwedstrijden is er zelfs sprake van internationale deelname. Bij de organisatie van activiteiten wordt in de begintijd nog dankbaar gebruik gemaakt van de hulp van ervaren leden van DJK.

Hoe het verder ging
Medio 1915 wordt Koninklijke Goedkeuring op de Statuten aangevraagd en verkregen. ADZ sluit zich daarna aan bij de Nederlandsche Zwembond (NZB). In de loop van de jaren wordt zij een club om rekening mee te houden. Hoogtepunten zijn onder andere de gouden medailles tijdens de Olympische Spelen van Berlijn in 1936 van Nida Senff op de 100 m. rugslag en van Jopie Selbach, als een van de vier leden van de vrije slag estafette. Daarnaast wordt ADZ in 1938 Nederlands kampioen waterpolo.
Vele jaren later is er in 1971 een mislukte fusiepoging met De Dolfijn. Weer twee jaar later wordt ADZ een gemengde zwemclub en wijzigt de naam in Amsterdamse Dames en Heren Zwemclub (ADHZ). In 1983 wordt de club opgeheven.
Geraadpleegde bronnen
- Gedenkboek ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de Amsterdamsche Dames Zwemclub 15 maart 1939, aangeboden aan de leden
- 40 Jaar zwemsport 1914-1954, jubileumnummer ADZ-krant
- Uit de wiegejaren van ADZ : A.G. Kollöffel in ADZ-krant, april 1949,
- “In de wedstrijdsport rol je, die zoek je niet op” : Interview met Rie Beisenherz in Zwemkroniek, jrg. 63, nr. 29 van 01-08-1986
- Diverse tijdschrift- en krantenberichten op Delpher.nl.
- Verschillende nummers van De Zwemkroniek
- Verschillende kranten en tijdschriften via Delpher.nl