Leestijd: 32 minuten

De zwemwedstrijd tijdens de crisisjaren

Met de garantstelling van de gemeente kan de wedstrijd ook in de jaren ’30 georganiseerd worden. In 1930 heeft DJK opnieuw gezorgd voor een interessant programma op zaterdag, waarbij verschillende Nederlandse en Duitse zwemkampioenen aanwezig zijn. Maar liefst drie Duitse teams strijden samen met AZ1870 uit Amsterdam en HVGB uit Haarlem in de A-poule van de verenigingswedstrijd. AZC Amersfoort , DJK en Neptunus doen mee in de B-poule. Daarnaast zijn er verschillende korte baan afstanden en estafettes waarbij vooral de inschrijving van complete zwemploeg met de dames van de RDZ opvalt.

Voorafgaand aan de 8KM-zwemwedstrijd op zondag brengen de deelnemers in de ochtend een bezoek aan huize De Voorst van de heer Völcker, beschermheer van DJK, om de mooie tuinen en perken te bezichtigen. Na een optocht met muziek vanaf het station worden de 118 deelnemers, hun supporters en andere belangstellenden met vier stoomboten naar de startplaats bij Kortenoever gebracht. Hier wordt om 15.30 uur gestart. De eerste plaats bij de dames gaat voor het derde jaar op rij naar Truus Baumeister, terwijl Ad Brandt ten koste van twee Duitse deelnemers de winst bij de heren opeist.

In 1931 is er een recordaantal inschrijvingen van 146. Toch ontbreken er, vanwege selectiewedstrijden op dezelfde dag in Utrecht, afstandscracks waaronder Zus Braun en Truus Baumeister. Bovendien vinden veel Duitsers de 100 mark grensbelasting die vanwege de Duitse financiële crisis tot 1 oktober is opgelegd, te hoog. Daarom komen slechts twee Duitsers naar de wedstrijd in Zutphen. Dor het ontbreken van Braun en Baumeister grijpt Ida Breukel haar kans. Zij zal in totaal zes jaar lang ongeslagen blijven. Bij de heren is het opnieuw Brandt die als eerste eindigt.

Jubileumeditie van 1932

In 1932 is het 10-jarig jubileum van de wedstrijd en is er voor de laatste keer sprake van een tweedaags zwemevenement. De Zwemkroniek besteedt in mei met een uitgebreide terugblik aandacht aan: “Het grote stuk werk dat De Jonge Kampioen daar ieder jaar levert in het belang van haar stad en sport.” De schrijver stelt potentiële deelnemers direct gerust over de afstand van 8 km: “Het is niet zo erg als het eruit ziet. Zeer zeker, er zijn 8000 meters te doorklieven bij deze wedstrijd, maar vergeet u vooral niet dat het hier stromend water betreft! De gemaakte tijden bewijzen dat, wat de duur betreft de wedstrijd kan worden vergeleken met een wedstrijd in stilstaand water van ongeveer 3,5 km.” Samengevat beschouwt de schrijver de wedstrijd als “Een sierraad voor DJK en voor de zwemsport” en “Een gebeuren dat voor het Oosten van het land enig is.”

Op zaterdag is er vanaf 18.00 uur een waterpolotoernooi in de Grote Gracht, met een ere-wedstrijd tussen de kampioenen van Nederland en België; De Dolfijn uit Amsterdam en de Koninklijke Antwerpsche Zwemclub. Tijdens het toernooi eindigt de finale tussen HZC en Weusthag in 3-3 en valt de beslissing na strafworpen uit in het voordeel van HZC. De Polygoonfilm-auto luisterde het geheel op met muziek.

Bij de interlandwedstrijd komt de Dolfijn al snel gemakkelijk op een voorsprong van 3-0. Nog voor de rust weten de Belgen de score terug te brengen tot 3-2. Na de rust blijken zij met nog drie doelpunten de sterkere partij te zijn. In de laatste seconde weet de Dolfijn de schade te beperken tot 4-5. Er blijkt een groot verschil te zijn tussen waterpoloteams uit het Westen en het Oosten van ons land. Hopelijk komt hierin verandering als er ook in het Oosten overdekte zweminrichtingen worden geopend.

Op zondag wordt er een nieuwe manier van starten geïntroduceerd. Voortaan wordt er gedoken vanaf een boot, wat voor de toeschouwers een stuk spectaculairder is. Er is nog iets bijzonders: “Aan de finish konden de vele belangstellenden het verloop van de wedstrijd volgen door middel van een radio-telefoniezender, die de mededelingen overbracht op een ontvangsttoestel dat op een terrein aan de Zuiderhaven was opgesteld en dat door een versterker-installatie de berichten doorgaf.” Bij de dames wint Ida Breukel en bij de heren gaat de winst naar Karl Bode, de Duitse lange afstandskampioen van 1931.

Verder als ééndaags evenement

Na de 10e editie van 1932 beperkt de organisatie zich tot het houden van de 8KM-zwemwedstrijd op zondag, soms met een partijtje waterpolo bij de finish. De belangstelling neemt nog even toe tot ruim 152 deelnemers in 1934, maar loopt vervolgens langzaam terug richting de 80. Opvallende deelnemers in 1934 zijn Jan Stender en Frans Kuijper, die elkaar geen centimeter breed gunnen en als vierde en vijfde eindigen met één seconde verschil. Stender, die ook al in voorgaande jaren heeft deelgenomen, wordt vierde in 1935 en tweede in 1936.

  • Jan Stender (m) en Frans Kuijper (r) na afloop van de wedstrijd om de Scheldbeker in 1934 (Revue der Sporten 1934, nr. 50)
  • Advertentie bioscoop-voorstelling met Shirley Temple en de film Sportief Holland. In het voorprogramma een verslag van de 8KM-wedstrijd (Zutphensche Courant van 20 augustus 1936)
  • Kort voor de start van de wedstrijd van 1936 (Uitgave 25 jaar De Ijsselmeeuwen Zutphen 1964-1989)

Vanaf 1937 is Stender trainer bij HZC De Robben. In de loop van de jaren brengt hij tal van (wereld)kampioenen voort, waaronder Nel van Vliet, Mary Kok en Herman Willemse. Laatstgenoemde doet in het begin van de jaren ’50 een gooi naar een titel tijdens de 8KM-zwemwedstrijd. Ook Frans Kuijper nam eerder deel. Hij is bekend geworden als waterpolo-international en vanaf 1935 als coach van het nationale waterpolo-team, dat onder andere meedoet aan de Olympische Spelen van 1936, van 1948, waar de derde plaats wordt bereikt en die van 1952.

Enkele dagen na de wedstrijd van 1936 wordt in de plaatselijke Schouwburg-Bioscoop voor het eerst in het voorprogramma een filmreportage van de 8KM-zwemwedstrijd vertoond. In de week erna vertoont de Odeon-bioscoop eveneens het verslag van de wedstrijd bij de film Krullekopje met het kindsterretje Shirley Temple. Ook wordt hier de film Sportief Holland van de bekende radio-verslaggever Han Hollander vertoond. Deze sportfilm is opgedragen aan het NOC en behandelt de verschillende sporten waarin Nederland tijdens de onlangs gehouden Olympische Spelen in Berlijn zo goed heeft gepresteerd.

Beelden van de 15e 8KM-zwemwedstrijd van 25 juli 1937 in het Polygoon-journaal (openbeelden.nl)

Eén dag voor de 15e editie van de 8KM-zwemwedstrijd is de Bosbaan in Amsterdam het toneel van 3 x 2 km estafette-zwemwedstrijd om de Hauserbeker. Mede daarom zijn er op zondag slechts 85 deelnemers. De Zutphensche Courant duikt bij deze gelegenheid in de geschiedenis van de wedstrijd: “Van een bescheiden begin groeide deze wedstrijd uit tot een belangwekkend jaarlijks terugkerend zwemfestijn van grote propagandistische waarde.” De hoofdprijs bij de dames gaat dit jaar naar Rie Aarsbergen-Olsen en net als in 1936 gaat de winst bij de heren naar Maarten Schoenmaker.

Voor de eerste keer valt het doek

In maart 1938 stelt DJK-voorzitter Jan van Dongen tijdens de ledenvergadering voor, de zwemwedstrijd niet meer te organiseren. Er is het nodige gedaan om de kosten te beperken, maar in 1937 was er een nadelig saldo van bijna ƒ 200 en moest er gebruik worden gemaakt van de gemeentegarantie. Over de afgelopen zes jaar bedraagt het nadelige saldo zelfs ƒ 1300,- en ook de donaties lopen al jaren terug. Het bestuur wil in de toekomst alle verenigingsinkomsten gaan gebruiken voor de opbouw van het verenigingsleven. Dit komt nu niet goed uit de verf, omdat een deel van het geld moet worden besteed aan het betalen van oude schulden en het bestuur vrijwel al haar tijd kwijt is aan de IJsselwedstrijd.

Het voorstel veroorzaakt de nodige discussie. Een oude traditie zou hiermee verdwijnen, terwijl Zutphen een mooi stuk propaganda zou gaan missen. Tijdens de vergadering worden er nog allerlei voorstellen gedaan, maar ten slotte legt een grote meerderheid zijn neer bij het bestuursvoorstel. Wel wordt eraan toegevoegd dat er in komende jaren steeds wordt gekeken of er toch mogelijkheden zijn om te wedstrijd te organiseren, zonder de verenigingskas te belasten. Helaas zijn het zowel de economische- als oorlogsomstandigheden die het onmogelijk maken de draad weer snel op te pakken.

Lees verder op de volgende pagina