Op 12 juni 2020 verscheen de biografie Vergeten goud: Het leven van Olympisch kampioene Rie Mastenbroek. Maar ditt boek is veel meer dan alleen een biografie over Hendrika Wilhelmina Mastenbroek. Schrijfster Marian Rijk geeft een gedetailleerd overzicht van de opkomst van het Nederlandse dameszwemmen gedurende het interbellum. De lezer wordt meegenomen naar een tijd van schaarste en armoede net na de Eerste Wereldoorlog, later gevolgd door de crisis begin jaren ’30 en de opkomst van het Nationaalsocialisme.

Ik vind het zelf altijd ontzettend interessant om in mijn artikelen de tijdgeest mee te nemen, omdat dit goed weergeeft onder welke omstandigheden zwemmers hun prestaties leverden, zeker afgezet tegen de huidige tijd, waarin het voor topsporters organisatorisch en financieel over het algemeen uitstekend geregeld is. De schrijfster blijkt te beschikken over een brede kennis van de 19e en 20e eeuwse Nederlandse geschiedenis, heeft enkele boeken rond dit thema op haar naam staan en blogt over historische toevalligheden en over schrijven. Van die kennis heeft zij in dit boek uitgebreid gebruik gemaakt. Dat maakt dat het lezen ervan bijzonder aangenaam.

Hieronder tref je een uitgebreide samenvatting van het boek, aangevuld met het nodige online beschikbare beeld- en videomateriaal. Interessant? Maak dan zeker de overweging om het boek aan te schaffen. Behalve dat het boek absoluut de moeite waard is, steun je hiermee de schrijfster, die hopelijk nog veel meer prachtige boeken gaat schrijven.

Over het boek

Rieki Mastenbroek wordt op 26 februari 1919 geboren boven het café dat haar grootouders uitbaten op de hoek van de Botersloot en Meent in Rotterdam. Mien, haar moeder is 18 jaar en ongehuwd. Vader Jan heeft een eigen gezin en erkent Rieki daarom niet. Wel komt hij af en toe langs. Mien noemt hem dan ome Jan. Niet lang na haar geboorte verhuizen opa en oma met gezin en Rieki naar de Chrispijnlaan, waar opa aan de slag gaat als waterstoker.

In die tijd wordt er in Rotterdam gezwommen in grachten of havenbekkens. Op jonge leeftijd vindt Rieki op warme dagen verkoeling in het gratis Luizenbad aan de Baan, dichtbij de Schiedamsesingel. Zwemmen is dan nog lang niet opgenomen in het onderwijsprogramma.

Start van het Nederlandse dameszwemmen

Rie Beisenherz (uit: Gedenkboek tgv 25-jarig bestaan ADZ 1914-1939)

Het Nederlandse vrouwenzwemmen krijgt voor het eerst vorm in 1887, wanneer de Hollandsche Dames Zwemclub (HDZ) in Amsterdam wordt opgericht. Zij zwemmen in de enkele jaren daarvoor geopende bad- en zweminrichting van Theo Obelt. Als het 14-jarige zwemtalent Rie Beisenherz in 1914 te jong wordt geacht op zich bij deze vereniging aan te sluiten, start zij haar eigen zwemclub die later bekend wordt onder de naam Amsterdamsche Dames Zwemclub (ADZ). In Rotterdam worden ook twee dameszwemlubs opgericht; als eerste in 1913 de Rotterdamsche Dames Zwemclub (RDZ) in 1922 gevolgd door de Onderlinge Dames Zwemclub (ODZ).

Rie Beisenherz heeft haar zinnen gezet op deelname aan de Olympische Spelen van 1920 in Antwerpen. Hoewel de Olympische Spelen voornamelijk een mannenzaak zijn en de Zwembond niet staat te juichen, weet zij zich toch te kwalificeren. Als enige vrouwelijke deelneemster bij het zwemmen reist zij, samen met een aantal dameswaterpolosters die een demonstratiewedstrijd geven, af naar Antwerpen. Hoewel ze geen medaille haalt, zwemt zij wel een Nederlands en Europees record op de 100 m. vrije slag.

Na een aantal omzwervingen op verschillende adressen in de stad, belanden moeder Mien en Rieki op een bovenwoning in de Tuinderstraat, een zijstraat van de Oude Binnenweg. Moeder Mien verdient inmiddels de kost als schoonmaakster. En alsof het zo heeft moeten zijn, bevindt zich in de Tuinderstraat de enige overdekte zweminrichting van de stad. De entree van 35 cent kan moeder Mien niet betalen, maar gelukkig kan Rie met financiële hulp van anderen toch af en toe in het bad zwemmen.

Ma Braun en haar talenten

In het bad aan de Tuindersstraat 89 traint Marie Braun-Voorwinde, beter bekend als Ma Braun, de talenten van de ODZ. Ooit was zij zelf een goede zwemster. Het eerste talent dat zij traint is Marie Baron, die bij haar inwoont als loopmeisje. Marie doet in 1924 met vier andere dames mee aan de Olympische Spelen in Parijs. Ze behaalt hier geen ereplaatsen, maar in 1926 zwemt zij wel een wereldrecord op de 200 m. schoolslag. Ma’s tweede talent is haar eigen dochter Marie, die Zus wordt genoemd. Zus Braun wordt in 1927 Nederlands en Europees kampioen op de 400 m. vrije slag. Beide talenten doen mee aan de Spelen van 1928 in Amsterdam, waar Zus de eerste Nederlandse gouden zwemmedaille behaalt op de 100 m. rugslag.

  • Ma Braun met haar pupillen Zus Braun en Rie Baron (Zwemkroniek van 13 juni 1928)
  • Zus Braun gehuldigd als Olympisch kampioen (uit: Lang leve zwemmen: 125 jaar KNZB)

Eind 1929 scheiden de grootouders van Rieki en trekt oma bij haar in. Het is tevens het jaar waarin de wereldwijde economische crisis ontstaat. Het gevolg hiervan is veel werkloosheid en bittere armoede. Het is ook nog steeds slecht gesteld met het aantal overdekte zwembaden in Rotterdam. Het zwembad in de Tuindersstraat is nog altijd het enige overdekte zwembad van Rotterdam, terwijl er in Amsterdam al vier overdekte zwembaden zijn, waaronder het allereerste Sportfondsenbad. Hoewel er in deze tijd vanuit de gemeente weinig te verwachten valt, zijn er initiatieven om met de uitgifte van aandelen een tweetal Sportfondsenbaden op te richten. Het Oostelijk Zwembad komt er vrij snel, maar door allerlei omstandigheden laat het Van Maanenbad nog een aantal jaren op zich wachten.

Terwijl de talenten van ODZ hard doortrainen in het bad aan de Tuinderstraat, haalt de inmiddels tienjarige Rie in datzelfde zwembad allerlei kattenkwaad uit, totdat ze door Ma Braun wordt aangepakt en ze als talent wordt opgemerkt. Als ze elf jaar is gaat ze trainen onder Ma Braun en wordt ze lid van ODZ.

Op de Europese Kampioenschappen (EK) van 1931 wint Zus Braun op drie afstanden. Willy den Ouden, zwemster bij RDZ is er ook bij. Zij wint hier een zilveren medaille en wordt in hetzelfde jaar Nederland kampioen op de 100 m. vrije slag. Ooit was Ma Braun trainster bij RDZ, maar na ruzie richtte zij ODZ op. Hoofdtrainster bij RDZ is mevrouw Van Wuijckhuise. Beide verenigingen zijn als water en vuur. Er is een continue onderlinge competitie, waarbij er zoveel mogelijk records moeten sneuvelen.

Lees verder op de volgende pagina